Wat kan er nou leeg en vol tegelijk zijn. Symbool voor het niets én voor het alles. Voor sport en voor zonnen. Voor zitten en voor liggen. Geschikt voor een picknickmand en voor een spannend boek. Voor het badmintonnen nu én voor het plastic zwembadje van straks. Wat zit er vol met leven en laat alle ruimte om te leven. Wat kriebelt zacht aan de voeten en steekt men tussen de tanden. Wat geeft voldoening als men het heeft gemaaid en wordt door het maaien alsmaar mooier. Juist het gras, het gazon.
Een boom erin zorgt voor spanning. Indien juist geplaatst, ook vanuit het huis gezien, zal een boom de ruimte laten leven, zichtbaar maken. Zoiets kun je niet op voorhand tekenen, maar moet je ter plekke zoeken door te schuiven en te verzetten. Een beetje meer naar links, een beetje naar voor, nee, toch wat meer naar rechts. Zoals de decorontwerper van het Engelse toneel, Lancelot ‘Capability’ Brown (1716-1783) die later een wereldberoemd tuin- en landschapsarchitect werd in de tijd van de Engelse landschapsstijl. Hij liet tientallen tuinlieden gewoon met volwassen bomen rondslepen tot hij vond dat ze goed stonden en riep: ‘Ingraven!’.
Een ‘grasveldmetboomtuin’ dus.